(W)arm Vlaanderen heeft zijn keuzes gemaakt: Met een begroting in evenwicht, maar een samenleving uit balans

Standpunt
FacebookFacebookFacebook

Vorige week reageerde SOM op de grote lijnen van de septemberverklaring van de Vlaamse Regering. Intussen zijn meer details bekend geraakt over de subsidies die geschrapt worden. Hoewel nog niet alle beslissingen volledig zijn uitgewerkt, ontstaat stilaan een duidelijker beeld van de beleidskeuzes binnen zorg en welzijn. 

Organisaties die zorg en ondersteuning aanbieden worden grotendeels bespaard van rechtstreekse besparingen. Toch stemt deze septemberverklaring moeilijk optimistisch. De financiële druk waarmee organisaties vandaag kampen blijft bestaan, terwijl investeringen die de druk mee moesten verlichten worden teruggeschroefd: preventie wordt afgebouwd, ondersteuningsnetwerken voor kinderopvang worden afgebouwd, ook ondersteuning voor kwetsbare personen komt onder druk te staan en er wordt bespaard op het geplande uitbreidingsbeleid.  
Hieronder geven we een overzicht van de voornaamste beslissingen die vandaag bekend zijn en de aandachtspunten die SOM daarbij ziet. 

Wie kwetsbaar is, krijgt het nog moeilijker.  

Besparingen binnen verschillende beleidsdomeinen zullen impact hebben op het leven van vele Vlamingen en in het bijzonder van jonge gezinnen en personen met een hoge zorg- en ondersteuningsnood. 

Mobiliteit is een basisvoorwaarde om volwaardig te kunnen participeren aan de samenleving. Voor mensen zonder eigen vervoer, ouderen, personen met een handicap… speelt De Lijn daarin een cruciale rol. Besparingen op het openbaar vervoer dreigen de toegang tot werk, opleiding, zorg en ondersteuning verder te bemoeilijken en bestaande ongelijkheden te versterken. 

Ook de toegang tot ondersteuning wordt moeilijker. Er wordt bespaard op aanvullende thuiszorg, de kostprijs van dienstencheques stijgt, de voorwaarden wijzigen en er wordt bespaard op de Diensten Ondersteuningsplan (DOP's) voor personen met een handicap. 

Ook kansen op opleiding en ontwikkeling komen onder druk. Besparingen bij VDAB en de centra voor volwassenenonderwijs, het verdwijnen van vormingsmiddelen en de strengere voorwaarden rond studie- en opleidingsondersteuning maken het voor veel mensen moeilijker om zich bij te scholen of te heroriënteren op de arbeidsmarkt. 

Daarnaast zorgt ook de besparing op het Gemeentefonds voor onrust. Lokale besturen zijn vaak de eerste overheid waar burgers terechtkunnen. Vandaag is nog onduidelijk welke gevolgen dit zal hebben voor initiatieven zoals buitenschoolse kinderopvang, OverKop-huizen, Huizen van het Kind, samenwerkingen met CAW's en andere lokale sociale dienstverlening. 

Afzonderlijk lijken sommige maatregelen misschien beperkt. Samen vertellen ze echter een ander verhaal. Ze raken net die ondersteuning die mensen helpt om zelfstandig te leven, problemen vroegtijdig aan te pakken en volwaardig deel te nemen aan de samenleving. De vraag dringt zich op of deze keuzes niet zullen leiden tot meer kansarmoede, meer complexe ondersteuningsvragen en uiteindelijk ook meer druk op zorg en welzijn. 

Besparingen op gezondheidsbevordering en netwerkorganisaties 

Iedereen is het erover eens dat voorkomen beter is dan genezen. Toch blijken preventie en gezondheidsbevordering telkens opnieuw het slachtoffer wanneer budgetten onder druk staan. 

Vlaanderen, dat al geen voortrekker was op het vlak van preventie, bespaart nog eens 5 miljoen euro op gezondheidsbevordering.  

Dat heeft gevolgen. Initiatieven die inzetten op gezondheidsvaardigheden verdwijnen of worden teruggeschroefd. Ook inspanningen rond mentaal welzijn komen onder druk te staan. Net daar zijn de maatschappelijke uitdagingen vandaag bijzonder groot. 

Daarnaast wordt ook gesneden in organisaties die samenwerking op het terrein mogelijk maken. De zorgraden verliezen 10 procent van hun middelen en voor Gezondheidsmakers komt er geen groeipad. 

Nochtans zijn deze structuren ontstaan vanuit een duidelijke behoefte op het terrein: organisaties beter laten samenwerken, investeringen beter afstemmen, gezamenlijke prioriteiten bepalen en beleid vertalen naar lokale en regionale noden. Door hun werking af te bouwen dreigt men precies die meerwaarde te ondergraven die men de afgelopen jaren heeft proberen opbouwen. 

Besparingen op eerstelijn en gezinszorg 

De hervorming van het ziekenhuislandschap zal de komende jaren extra druk leggen op de eerstelijnszorg. Meer zorg zal thuis worden georganiseerd, patiënten zullen sneller naar huis terugkeren en er wordt steeds meer gerekend op lokale ondersteuning. 

Het antwoord van Vlaanderen is een besparing van € 3,8 miljoen op de eerstelijnszorg, inclusief de zorgraden. Nochtans speelt de eerstelijn een cruciale rol in vroegdetectie, preventie en tijdige ondersteuning. Wanneer deze functies worden verzwakt, bestaat het risico dat problemen pas worden aangepakt wanneer ze ernstiger en complexer zijn geworden. Dat is niet alleen nefast voor mensen zelf, maar uiteindelijk ook duurder voor de samenleving. 

Ook de gezinszorg wordt fors getroffen. Het voorziene groeipad wordt sterk afgevlakt. Daarbovenop komt een besparing van 8 miljoen euro op aanvullende thuiszorg. In combinatie met de stijgende kostprijs van dienstencheques roept dit heel wat vragen op over de betaalbaarheid en beschikbaarheid van ondersteuning. 

De impact zal bovendien verder reiken dan de ouderenzorg alleen. Iedereen die afhankelijk is van ondersteuning aan huis zullen deze keuzes voelen. 

Daarnaast worden ook de Diensten Ondersteuningsplan (DOP's) geconfronteerd met een besparing van 20% op hun werkingsmiddelen. Deze organisaties zetten zich al jaren in om met personen met een beperking en hun netwerk op zoek te gaan naar de juiste ondersteuning voor het uitbouwen van een kwaliteitsvol leven. Daarbij brengen ze zowel het reguliere als gespecialiseerde aanbod in kaart. Deze besparing lijkt een voorafname van de beleidsintentie om te evolueren naar één aanspreekpunt voor personen met een handicap, terwijl de gesprekken over deze transitie nog volop lopen. Daardoor ontstaat het risico dat capaciteit wordt afgebouwd nog vóór duidelijk is hoe die toekomstige ondersteuning georganiseerd zal worden. 

Investeren in medewerkers, maar tegelijk besparen op arbeidsmarktbeleid 

De Vlaamse Regering voorziet 150 miljoen voor een nieuw VIA-akkoord en trekt daarnaast 50 miljoen euro uit voor zorgpersoneel. Dat is een belangrijk signaal naar een sector die al jaren kampt met een hoge werkdruk en grote personeelsuitdagingen.  

Het budget voor een nieuw VIA-akkoord lijkt eerder beperkt om tegemoet te komen aan de grote uitdagingen die er zijn, zoals de uitrol van IFIC in Vlaanderen. Ook is het nog onduidelijk naar welk personeel de 50 miljoen euro zal gaan. Wij pleiten alvast om dit niet te beperken tot verpleegkundigen. Maar ook hier zal het voorziene budget bepalend zijn. 

In eenzelfde beweging verdwijnen middelen die net bedoeld zijn om medewerkers aan te trekken, te behouden en te versterken. Zo wordt 2.2 miljoen aan vormingsbudget geschrapt bij VIVO en komt er geen nieuw sectorconvenant. 

Dat creëert een paradox: er wordt geïnvesteerd in extra personeel, maar tegelijk worden instrumenten afgebouwd die moeten helpen om medewerkers te vinden, op te leiden en aan boord te houden. 

Een begroting in evenwicht, maar tegen welke maatschappelijke prijs? 

De Vlaamse Regering kiest ervoor om de begroting op orde te brengen en bespaart daarbij op preventie, gezondheidsbevordering, eerstelijnszorg, thuiszorg, arbeidsmarktinstrumenten en lokale ondersteuning. Net die investeringen helpen voorkomen dat problemen escaleren en dat de vraag naar gespecialiseerde zorg en ondersteuning verder toeneemt. 

De komende weken moet nog duidelijk worden hoe de besparing van 500 miljoen euro op subsidies verder zal worden ingevuld, welke impact de besparingen bij lokale besturen zullen hebben en hoe de halvering van het uitbreidingsbeleid concreet zal doorwerken in de verschillende sectoren. 

Wat vandaag wel duidelijk wordt, is de richting waarin Vlaanderen kiest. De besparingen op subsidies treffen de preventieve ondersteuning, de eerstelijn, ondersteuning aan huis, gezondheidsbevordering en andere hefbomen die problemen helpen voorkomen. 

Net daardoor dreigt de druk op organisaties in zorg en welzijn op lange termijn verder toe te nemen. Want wanneer mensen minder snel ondersteuning vinden, problemen escaleren en participatiekansen afnemen, komen die ondersteuningsvragen uiteindelijk elders en vaak zwaarder terug. 

De begroting is in evenwicht. De vraag is of dit ook geldt voor de samenleving. 

Word lid van SOM

  • Vertegenwoordiging door een erkende werkgeversorganisatie
  • Consulteer gratis onze helpdesk
  • Geniet van advies en ondersteuning op maat
  • Zet mee in op sociaal ondernemerschap
twee mensen in gesprek